aa -

Hennep als onkruidbestrijder op braakliggende terreinen

Bedenker: Jeroen Delmotte

Foto’s: Jeroen Delmotte

Cannabis of hennep is een plant die makkelijk en snel groeit. We hebben het dan over industriële hennep en niet de psychoactieve/medicinale soort. Industriële hennep bevat minder dan 0,2% THC en is legaal in België. De plant heeft geen pesticiden of meststoffen nodig en is dus 100% ecologisch. Aangezien het een snelgroeiende plant is die zich sneller ontwikkelt dan onkruid, is cannabis ook een ideale onkruidbestrijder. Na het oogsten zijn tal van toepassingen denkbaar voor de hennepvezels, zoals voor textiel, papier, isolatie … Van de zaden kan biobrandstof worden gemaakt.

Kathleen De Clercq

14/11/2013 at 10:33

Beste, Leuk idee maar enkele bedenkingen. In Bokrijk staat ook hennep. Ik weet niet of het exact dezelfde soort is maar blijkbaar moet daar het exact aantal stuks worden aangegeven aan de douane. Vervolgens moet er ook aangetoond worden dat de plant vernietigd wordt en ook daar is controle op. Hoe zie je dat dan in jouw voorstel? Contactpersoon hiervoor in Bokrijk is Frank Libens frank.libens@limburg.be Succes met je idee want het zit heel erg in de lijn van de klavers als onkruidbeheersers.

Hennep.png In dit idee gaat het om industriële hennep: het betreft dus enkel rassen die vermeld staan op de Europese Rassenlijst (31ste volledige uitgave van de Gemeenschappelijke rassenlijst voor landbouwgewassen van 29 december 2012) en waarvan bewezen is dat het gehalte aan tetrahydrocannabinol (THC) maximaal 0,2% bedraagt.

Hennep zorgt op korte termijn voor een grote biomassaproductie. De plant levert vezels, hout en zaden. De stengel van de hennepplant levert een van de sterkste natuurlijke vezels ter wereld (in de middeleeuwen werd hier al touw, textiel en papier van gemaakt) en uit de zaden kan olie worden gewonnen (voor consumptie, lampolie en productie van zeep en verf). De plant is ook geschikt als energiegewas (voor biobrandstof) en is daarvoor een interessanter gewas dan koolzaad en suikerbiet, die beduidend minder goed scoren bij een levenscyclusanalyse (Finnan & Styles, 2013). Hennep kan ook als veevoeder worden gebruikt ter vervanging van maïs. De restfractie die overblijft na de scheiding van de vezels, de scheven en het zaad kan worden gebruikt als strooisel, als bodemverbeteraar en in pellets of briketten.

Zowel de teelt van hennep als de verwerkingsprocessen die nodig zijn voor verschillende eindproducten (zoals papier, isolatiemateriaal ...) brengen een beperkte milieubelasting mee, niet alleen in vergelijking met synthetische alternatieven, maar ook met gewassen die voor vergelijkbare doeleinden worden gebruikt. De teelt vraagt immers geen gewasbeschermingsmiddelen en slechts in geringe mate meststoffen. Door zijn diepe en fijne wortelgestel gaat hennep ook bodemerosie op akkers tegen, wat in schril contrast staat met bijvoorbeeld hakselmaïs, dat ook als veevoeder kan worden gebruikt. In tegenstelling tot synthetische alternatieven is hennep een natuurlijk en biologisch afbreekbaar materiaal met een lage milieudruk. Het moet bijvoorbeeld niet worden gebleekt bij de papierproductie. Ook de productie van composietmateriaal op basis van hennepvezels vraagt minder energie dan bij de synthetische alternatieven (onder meer op basis van glasvezel) en er worden geen toxische stoffen uitgestoten tijdens de verwerking. Ook het restproduct dat overblijft na de verwerking van hennep kan nog nuttig worden gebruikt.

Hennep is daarenboven een natuurlijk materiaal met tal van positieve eigenschappen voor de eindgebruiker. Hennepvezel als isolatiemateriaal is bijvoorbeeld luchtdoorlatend en vochtregulerend, de zaden zijn rijk aan eiwitten, vitamines en mineralen ...

Hennep kan op korte tijd voor een grote CO2-opslag zorgen en laat een verhoogd koolstofgehalte in de bodem achter (koolstofvastlegging - klimaatmitigatie). Dit positieve effect wordt bij het toepassen van klassieke landbouwtechnieken weliswaar deels tenietgedaan door mineralisatie en oxidatie van koolstof als gevolg van bodembewerkingen zoals ploegen. Het betreft immers een eenjarig gewas.

De troeven van hennep als landbouwgewas en energiegewas zijn duidelijk. Het zaaien van hennep op braakliggende terreinen, los van een agrarische context, is echter nog een andere zaak. Veel hangt af van de uitgangssituatie, maar we kunnen stellen dat de introductie van hennep in het milieu de lokale fauna en flora doorgaans niet ten goede komt. De biodiversiteit op een veldje met spontaan gevestigde 'onkruiden' is vele malen groter dan bij een monotone aanplanting van hennep. Wat mensen onder ‘onkruid’ verstaan, is ook subjectief: het gaat dan om planten die op een bepaalde plek ongewenst zijn. Grote brandnetel is bijvoorbeeld zo'n typisch ‘onkruid’, maar de soort biedt ook heel wat voordelen. Zo is het een van de beste waardplanten voor vlinders in Vlaanderen.

Hennep heeft een aantal eigenschappen die het zeer geschikt maken als cultuurgewas: snelle groei, hoge biomassaproductie (het vormt dichte populaties, waardoor onkruidbestrijding overbodig wordt), het is niet gevoelig voor ziekten en plagen en is flexibel op vlak van bodemtype. Deze eigenschappen kunnen echter negatief zijn voor de lokale soortenrijkdom als de soort zich in de vrije natuur verspreidt. Hennep wordt hier weliswaar al sinds de middeleeuwen geteeld, maar is oorspronkelijk afkomstig uit Azië en niet als inheems te beschouwen. Verwildering en uitzaaiing van dit gewas zou op termijn een bedreiging kunnen vormen voor onze inheemse plantensoorten en biodiversiteit, zeker als hennep op grotere schaal zou worden geteeld.

Finnan J. & Styles D., 2013. Hemp: A more sustainable annual energy crop for climate and energy policy. Energy Policy 58, pp.152-162.

De methodiek van deze duurzaamheidstoets wordt hier verder toegelicht.